Gear & Gadgets

Bekabelde koptelefoons zijn terug en dit is geen toeval

· 6 min leestijd

Eind 2025 gebeurde er iets dat niemand zag aankomen. De verkoop van bekabelde koptelefoons begon te groeien. Niet langzaam, niet voorzichtig, maar met dubbele cijfers. In de eerste zes weken van 2026 stond de teller op een toename van twintig procent. Dat is opvallend voor een productcategorie die vijf jaar lang alleen maar omlaag ging.

Tussen 2019 en 2024 verloor de markt voor bekabelde audio jaarlijks omzet aan AirPods, Galaxy Buds en de eindeloze stroom Bluetooth-oordopjes die elke fabrikant erbij gooide. In 2024 zakte de Amerikaanse markt nog eens 42 miljoen dollar weg. Toen kwam de ommekeer. Vanaf juli 2025 begon de verkoop te stijgen. In de tweede helft van dat jaar stond de groei al op tien procent. Begin 2026 ging het hard.

De rekening van vijf jaar wireless

De meest praktische reden is geld. Een set degelijke bekabelde IEMs koop je voor zestig euro en die gaat tien jaar mee. Een populaire wireless set kost het driedubbele en is meestal na twee tot drie jaar versleten. De accu in je oordopjes is gewoon een batterij die opraakt, en de meeste fabrikanten bouwen ze niet om vervangen te worden. Voor wie wel eens uitrekent wat je per jaar aan audio uitgeeft, is dat een ongemakkelijk plaatje.

Daar komt bij dat je nooit een bekabelde koptelefoon hoeft op te laden. Geen leeggelopen oordopje twintig minuten voor een belangrijk gesprek. Geen zoeken naar het oplaadbakje in de tas. Geen oortje verloren in de tram, want hij hangt nog aan de andere helft.

Geluid dat door de lucht moet, of niet

Bluetooth is verbeterd, dat is waar. Maar bij gelijke prijs heeft een kabel nog steeds de bovenhand. Audio over Bluetooth wordt gecomprimeerd voordat het je oren bereikt, bij een kabel komt het signaal ongewijzigd binnen. In rust merk je dat niet altijd, in muziek met veel detail wel. Voor wie naar jazz, klassiek of goed opgenomen rock luistert, is het verschil hoorbaar zonder dat je een audiofiel hoeft te zijn.

Studio-mensen wisten dit al. De Shure SM58 ligt al veertig jaar op podia te staan en doet het nog. De Sennheiser HD 25 die DJ's gebruiken bestaat sinds 1988. Die producten houden de bekabelde markt overeind, maar de groei van 2026 komt van een ander publiek.

Generatie Z koos voor de kabel

Het is niet de middelbare man die de groei aanjaagt. Jonger publiek doet dat. Op TikTok staan honderden video's van twintigers die uitleggen waarom ze bewust voor bekabeld kiezen. Vogue benoemde "corded glamour" als trend van 2026. Bella Hadid, Lily-Rose Depp en Charli XCX zijn allemaal gespot met witte oordopjes en een kabel. Voor hen is het zowel praktisch als statussymbool. Een kabel die uit je trui hangt zegt iets: ik luister, en niet iedereen mag me zomaar aanspreken.

Voor mannen die niet veel om mode geven verandert de berekening evengoed. Wireless oordopjes van vier jaar geleden zijn niet meer te repareren. Wireless oordopjes van vandaag worden over vier jaar evengoed weggegooid. De berg e-waste die dat oplevert is reëel, en steeds meer kopers vinden dat een argument om de andere kant op te kiezen.

De fabrikanten zien de cijfers ook

Panasonic bracht in maart de ErgoFit-lijn uit met een USB-C-stekker. Negen millimeter neodymium driver, knoppen op de kabel, en gewoon doen waar de set voor bedoeld is. NAD presenteerde een nieuwe CD-speler. Victrola en Third Man Records lanceerden samen een platenspeler met de gele en zwarte kleuren van het label. Het zijn losse aankondigingen, maar bij elkaar vormen ze een lijn.

De tussenoplossing van vorig jaar, een dongle van USB-C naar 3.5 mm, blijft populair. Apple verkocht er miljoenen ondanks dat het bedrijf zelf geen koptelefoonpoort meer in iPhones bouwt. Die dongle is uiteindelijk een statement: de gebruiker wil een kabel en wel nu.

Wat dit voor jou betekent

Heb je net een nieuwe set wireless oordopjes gekocht, geen reden om die meteen weg te leggen. Wireless heeft nog altijd zijn momenten: in de sportschool, op de fiets, tijdens een hardloopronde. Voor thuiswerk, vluchten en lange luistersessies is een paar bekabelde IEMs een investering die jaren meegaat zonder bijkomende kosten.

Voor zestig tot tachtig euro zit je al goed bij merken als Sennheiser, Sony, Moondrop of 7Hz. Boven de honderd euro begint het echte werk. De Sennheiser IE 200 en de Moondrop Aria zijn allebei klassiekers in hun prijsklasse. Wie liever een over-ear set wil, vindt voor tweehonderd euro de Audio-Technica ATH-M50x, dezelfde koptelefoon die studio's al jaren gebruiken. Een goede set bekabelde dopjes hoort in dezelfde categorie als spullen die je maar één keer hoeft te kopen.

De keuze voor wireless was nooit puur technisch. Het was timing, marketing en het feit dat fabrikanten de koptelefoonpoort uit telefoons sloopten. Wat nu gebeurt is dat consumenten teruggaan naar de oude oplossing omdat die gewoon beter werkt voor de meeste situaties. Een kabel is niet sexy, maar hij gaat wel mee. En in een markt waar elk apparaat na drie jaar in de la verdwijnt, is dat een steeds zwaarder argument.

Vraag het aan iemand die regelmatig naar muziek luistert: een lekker zittende set bekabelde dopjes laat je niet snel los. De beste noise cancelling sets doen wat ze beloven, maar voor pure audio kwaliteit per euro blijft een kabel de winnaar. De cijfers van 2026 laten zien dat steeds meer mensen daar achter komen.

T
Geschreven door Thijs Wielinga Tech & gadget redacteur

Thijs koopt gadgets sneller dan hij ze kan reviewen en heeft een la vol kabeltjes waarvan hij niet meer weet waar ze bij horen. Vroeger werkte hij als IT-consultant, nu schrijft hij liever over tech dan dat hij helpdesks bemant. Zijn vriendin noemt zijn kantoor een elektronicakerkhof. Hij noemt het research.