Body & Mind

Testosteron stuurt je risicogedrag veel minder dan gedacht

· 5 min leestijd

Wie mannen aan risicogedrag ziet doen, trekt al gauw dezelfde conclusie: testosteron. De handelaar die impulsief een miljoen inzet. De motorrijder die gas geeft terwijl anderen remmen. De vent op een feestje die een weddenschap aangaat die hij nooit kan winnen. Testosteron zou de biologische verklaring zijn voor al dat roekeloze gedrag. Een nieuwe analyse van 52 studies, met data van ruim 17.000 mensen, haalt dat idee grotendeels onderuit.

De analyse die alles bij elkaar legde

Onderzoeker Irene Sánchez Rodríguez deed samen met haar team iets wat in de wetenschap zelden op deze schaal gebeurt: ze namen alle bestaande onderzoeken naar testosteron en risicogedrag samen, analyseerden ze als één geheel en keken wat er overbleef.

Het resultaat was een indrukwekkend corpus: 52 studies, 17.000 deelnemers, en een brede definitie van zowel risicogedrag als testosteron. Risicogedrag varieerde van gokspelletjes en ballontaken in een laboratorium tot vragenlijsten over impulsiviteit en gevaarlijk rijgedrag. Testosteron werd gemeten via bloed, speeksel en soms indirect via de verhouding tussen wijs- en ringvinger, een maatstaf voor blootstelling aan het hormoon vóór de geboorte. Kortom: de onderzoekers lieten geen steentje onomgedraaid.

Het verband is vrijwel nul

De uitkomst was verrassend helder. Na al die gegevens samen te voegen, bleek het verband tussen testosteronniveau en risicogedrag praktisch nul. Mensen met veel testosteron namen gemiddeld niet meer risico dan mensen met weinig. En dat gold even sterk voor mannen als voor vrouwen, legt Scientias uit in een uitgebreide bespreking van het onderzoek.

Dat is opmerkelijk, want mannen nemen gemiddeld wél meer risico dan vrouwen. Die bevinding staat al decennialang vast in de psychologie. De redenering was altijd: mannen hebben veel meer testosteron, dus dat hormoon verklaart het verschil. Maar die lijn van denken houdt geen stand. De individuele testosteronwaarde van een persoon zegt vrijwel niets over hoe roekeloze keuzes hij of zij maakt.

Hetzelfde patroon van populaire aannames die botsen met de feiten zie je vaker in de gezondheidswereld. Eerder schreven we al over hoe zone-2-cardio minder magisch is dan iedereen beweert — ook daar is het verhaal dat rondgaat een stuk simpeler dan de werkelijkheid.

Eén uitzondering, maar een smalle

Er was één situatie waarin testosteron wél een klein effect liet zien: economische loterij-taken. Daarin kregen deelnemers de keuze tussen een zeker bedrag en een grotere maar onzekere beloning. Bij dat specifieke type taak was er een zwak positief verband. Hogere testosteronwaarden hingen iets samen met het kiezen van de risicovollere optie.

Bij andere vormen van risicogedrag, impulsiviteit, gevaarlijk rijgedrag en zelfgerapporteerde risicobereidheid, verdween het effect volledig. De uitzondering is dus smal en sterk contextgebonden. Van de bredere claim dat testosteron mannen roekelozer maakt, blijft weinig over.

Opvallend was ook dat de individuele studies enorm verschilden in uitkomst: sommige vonden een positief verband, andere juist een negatief. Volgens de onderzoekers lag de verklaring in de meetmethoden. Het zijn de gehanteerde taken die bepalen of je een effect vindt, niet het hormoon zelf.

Wat testosteron wél regelt

Testosteron is geen onbelangrijk hormoon, dat staat buiten kijf. Het speelt een grote rol bij spiermassa, botdichtheid, libido, spermaproductie en energieniveau. Tijdens de puberteit stuurt het de ontwikkeling van mannelijke lichaamskenmerken aan. Op volwassen leeftijd beïnvloedt het herstel na inspanning en het vermogen om spiermassa op te bouwen.

Eerder schreven we ook over hoe spiermassa je brein beschermt, wat deels gerelateerd is aan de lichamelijke processen die testosteron aanstuurt. Maar gedrag is een ander verhaal. Risicobereidheid wordt gevormd door opvoeding, gewoontes, omgeving, persoonlijkheid en financiële situatie. Een hormoon dat fluctueert met slaapkwaliteit, stressniveau en het tijdstip van de dag, heeft op al die factoren weinig grip.

Wat je hiermee kunt

Als je je eigen gedrag verklaart als biologisch onvermijdelijk, "ik heb nu eenmaal veel testosteron", geef je jezelf tegelijk een uitvlucht. Die uitvlucht is, volgens dit onderzoek, niet gerechtvaardigd.

Dat heeft een interessante keerzijde. Mannen die werken aan impulsiviteit of roekeloze beslissingen, doen dat niet tegen een biologische stroom in. Er is geen hormonale kracht die hen tegenhoudt. Impulsiviteit, onverstandige weddenschappen, het nemen van onnodige risico's, die hebben andere oorzaken. Gewoontes, stress, slaaptekort, omgevingsprikkels. En die zijn beïnvloedbaar.

Net zoals bewegen bewezen effectief is bij depressie, zijn er genoeg strategieën om impulsiviteit te temperen. Ze vragen geen hormoonspecialist maar inzicht in je eigen patronen en de bereidheid om die te veranderen. Het hardnekkige verhaal over testosteron stond dat inzicht al die tijd in de weg.

J
Geschreven door Jesse van Zijl Fitness & gezondheid schrijver

Jesse begon op zijn twintigste met calisthenics in een Rotterdams park en bouwde dat uit tot een obsessie met alles wat met het menselijk lichaam te maken heeft. Van voeding tot slaapoptimalisatie, hij heeft het uitgeprobeerd. Zijn vrienden vragen hem niet meer mee uit eten omdat hij altijd de menukaart analyseert.